Net als vorig jaar was mijn najaarsseizoen weer afgestemd op de Dam tot Damloop. Na een krappe twee maanden hard trainen, met weken van 110 - 125 kilometer en tussendoor een circuit van drie regionale wedstrijden (de Golden 3), moest het de 21e september van 2008 weer gaan gebeuren.
Ik moet eerlijk bekennen dat de focus richting de Dam tot Dam dit jaar een stuk minder was dan vorig jaar. In 2007 deed ik voor het eerst mee en had ik een enorme drive om goed te presteren en te genieten van deze grootste wedstrijd van Nederland. Nu in 2008, had ik het allemaal al een keer meegemaakt en wist ik al hoe het zo'n beetje was. Daarnaast verliepen niet alle trainingen in de voorbereiding niet even goed. Vaak kon ik totaal niet ontspannen lopen en ging het zo moeizaam dat de lol in het lopen nogal eens ontbrak. Maar de laatste week voor de DTD kwam de ontspanning weer terug. Na wat 'taperen' (rustig aan doen voor een wedstrijd) voelde ik dat elke training makkelijker ging naarmate de grote dag naderde. De juiste vorm leek net op tijd weer teruggevonden!
Toen ik zondagochtend bij zwembad 'De Vang' in Zaandam arriveerde, werd ik weer bevangen door het DTD-gevoel: de organisatie had alles perfect geregeld en net als vorig jaar had ik weer een startnummer met mijn naam erop en een vlaggetje van Nederland. Supergaaf! Het busvervoer naar de start in Amsterdam ging in tegenstelling tot vorig jaar nu wel mooi snel en een uurtje voordat we werden weggeschoten stonden we voor het Nemo. Hoewel het nog vrij rustig was zag je de nodige toeristen totaal verbaasd kijken over wat hier aan de hand was in hartje Amsterdam. Prachtig! Ik leefde heel ontspannen naar de start toe en was helemaal niet zo zenuwachtig. Twee minuten voor de start kon ik zelfs nog lachen om het feit dat Robert Cheboror, een absolute wereldtopper met 2.06 op de marathon, plaatsnam op de tweede startrij!! Alle Nederlanders liet hij rustig voorgaan. Altijd bescheiden die Kenianen!
Bij de start was ik goed weg. Dit kon ook niet anders met een startplaats bij de prominenten en biedt als voordeel dat je vrijwel meteen in je goede tempo kunt lopen (maar vaak ga je te snel doordat je meegaat met de snelsten). Na een paar honderd meter vormde ik direct een groepje met teamgenoten Niels Verwer, Wesley Pauel, Peter Res, Harmen en Marten Korfage en een andere, onbekende atleet. In de tunnel bleven we bij elkaar en dit leverde mooie filmbeelden op, zo met 6 rode TDR-shirts bij elkaar! Toen we de tunnel uit waren, gaf Peter aan dat hij ging versnellen en zo liep hij weg bij ons groepje. Ik vond het wel een goed tempo en wist van vorig jaar dat je in het begin zeker niet te hard van stapel moet lopen met de IJ-tunnel, toen ik heel wat lopers halverwege inhaalde.
Veel zin om in deze groep te blijven lopen, had ik echter ook niet. Wesley en Niels moesten de wedstrijd als snelle duurloop lopen en dan zou het niet echt goed zijn als ze de gehele route met mij mee zouden kunnen lopen, terwijl ik voluit ging! Nadat we de eerste woonwijken in Amsterdam ingingen, waar de nodige toeschouwers ons goed applaus gaven, lieten Wesley en Niels me gaan. Zo ging ik na 4km alleen verder. Ik kon mijn blik nu naar voren richten, waar ik teamgenoot Peter een eindje (70m) voor me zag lopen en ik ook de Fries Martin Ketellapper in het vizier kreeg. Ook kon ik nog een beetje naar het publiek kijken en genieten van de sfeer. Bij deze lange afstanden is het niet zo dat je zodanig gefocust op een punt moet zijn dat je niets meer van de omgeving ziet. Pas in de laatste kilometers ga je dusdanig kapot dat je alleen nog maar naar voren kunt kijken.
De 5 km kwam ik door in een tijd van 16.53. Een goed begin. De eerste 2 kilometer waren wat sneller gegaan (bij de start laat je je toch wat opjagen) en de andere drie wat langzamer. Ik zat nog steeds lekker in het ritme. We begonnen nu Amsterdam-Noord achter ons te laten om richting het volgende dorp, Landsmeer, te gaan. Voordat Landsmeer bereikt werd ging je eerst over een dijk. Het was al het derde klimmetje in het parcours (na de IJ-tunnel en op het snelwegstuk), maar ik kwam er goed op. Op deze dijk voelde je als enige punt in het parcours een tegenwind. Gelukkig draaide je na een meter of 500 alweer van de dijk af, om Landsmeer in te gaan.
Ook hier waren weer de nodige aanmoedigingen. Ik naderde Martin Ketellapper nu wel heel dicht en middenin Landsmeer was het 'erop en erover'. Nadat ik Martin had ingehaald passeerde ik ook nog twee dames. Na weer een klimmetje ging je 'Kadoelen' in: de feeststraat van de Dam tot Dam. Hier hangen ongelofelijk veel spandoeken en draait iedereen volksmuziek (Hazes, Joling, je kent het wel). De echte sfeer komt in Kadoelen pas met de trimmers. De mensen daar zijn niet echt fan van de wedstrijdloop. Ze draaien liever hun Hazes-nummertjes en zien dan alle lopers genieten. Bij de wedstrijd heb je dat niet: wij wedstrijdlopers denken eerder: "Kan je niet wat beters opzetten, een dancenummertje ofzo, dit stimuleert niet echt!" Ook Kadoelen wist ik goed door te komen en na deze kern was het even gedaan met het grote publiek.
Dit vond ik totaal niet erg. Nu brak namelijk mijn favoriete gedeelte uit de wedstrijd aan: de Verlengde Stellingweg. Dit is een fietspad dat langs de Snelweg loopt, van km 9,5 - 11 en waar je de nodige snelheid kunt maken. In plaats van de lastig lopende klinkers met de vele bochten, vindt je hier namelijk heerlijk asfalt geplaatst in één rechte lijn. Ideaal om een strak tempo te voeren als je in de 'goede flow' zit. En dat zat ik. Ik zette de turbo aan en merkte dat ik steeds dichter bij Peter kwam. Vlak voor het 10-kilometerpunt kwam ik bij hem te lopen. Ik verwachtte dat hij aan zou haken, maar ook Peter kon niet mee en zo ging ik weer alleen verder. Dit gaf wel een lekker gevoel. Als je een dusdanig tempo hebt, dat je iedereen die je inhaalt direct achterlaat, weet je dat je goed bezig bent!
Op de Verlengde Stellingweg werd ook nog eens een lekker dancenummertje gedraaid en met de wetenschap dat er nu even een aantal kilometer op een 'ideaal traject' kon worden gelopen probeerde ik nog maar eens wat door te versnellen. In de laatste kilometers is het parcours toch aanzienlijk lastiger en dan kun je nu beter je winst pakken. De 10km passeerde ik in een tijd van 33.45. Dit was een mooie doorkomsttijd en zou zeker resulteren in een tijd van in de 54 minuten. Misschien was zelfs nog een 53'er mogelijk. Bij de 11e kilometer stond de fanclub van av Hera, de atletiekvereniging uit Heerhugowaard. Ze moedigden me flink aan en dit gaf mij weer de nodige energie om hard door te lopen!
Met die energie passeerde ik vervolgens Theo vd Abbeel, een sterke master uit België. Ook Theo kon niet mee en werd aan zijn eigen lot overgelaten. Dit deed me wel goed. Zeker omdat hij bij de start helemaal vooraan stond en bij de IJtunnel direct al heel erg voorin liep. Nu had ik hem even teruggepakt en op de plaats gezet en hij is zeker niet de minste. Vervolgens passeerde ik een Braziliaan. Dit was nogal opvallend, aangezien hij meeliep met Fa Adda (die uiteindelijk 1.03 liep). Deze Braziliaan blijkt trouwens ook niet gefinisht, vast uitgestapt.
Met dit goede gevoel werd het fietspad verlaten en gingen we naar het industrieterrein van Zaandam. Het betrof hier een nogal saai stuk. Een heel brede weg, die een kilometer of twee rechtdoor liep met echt nauwelijks publiek (nog minder dan bij het fietspad). Wat hielp, was dat ik een aantal dames in kon halen. Zo ook teamgenote Esther Schipper. Frappant was dat dit gebeurde op vrijwel exact de plek dat vorig jaar de eerste man de eerste vrouw inhaalde (dit stond aangegeven op een spandoek).
De vermoeidheid begon al aardig op te zetten, maar ik wist me goed te focussen en kon het tempo vast blijven houden.
Nog 500m te gaan!
Na een aantal bochten kwam ik Zaandam binnen. De slotfase was in aantocht. Ik begon steeds vermoeider te worden (logisch natuurlijk, als je alles eruit wilt halen) en mijn lichaam en geest waren niet echt blij met de klinkers die zich weer aandienden. De ontspanning begon ook weg te vloeien en het werd nu een 'struggle' om maar zo snel mogelijk bij de finish te komen. Met het doel in het achterhoofd om in de 53 te finishten lukte het toch nog redelijk.
Vrij frustrerend was het feit dat het passeren van de dames nu een eeuwigheid leek te duren. Naarmate je verder in de wedstrijd komt, haal je steeds wat snellere dames en in wordt het verschil in tempo steeds kleiner. De laatste dames die ik inhaalde (Inge van Bergen en Sanne Broeksma) liepen een tijd van in het uur met dus een tempo van ca. 3.47/km. Ik liep op dat moment ongeveer 3.20/km, waardoor je die dames al wel ziet, maar het een km duurt voor je erbij bent.
Finish, met naast me Gadisa Abebe. foto: Karel Delvoye.
De laatste 1,5 kilometer waren nog zwaar, maar toen ik eenmaal bij de laatste 500 meter kwam ging het wel weer. Het was de geruststelling in mijn hoofd dat ik wist dat de Peperstraat zich snel zou aandienen en ik heuvelaf nog één keer alles moest geven voordat ik klaar zou zijn. Ron van Diepen doemde steeds dichter voor me op. Eerst lag ik nog wel een halve minuut op hem achter, maar nu zou ik hem kunnen passeren. Dan betreden we de Peperstraat. Aanmoedigingen, massaal publiek en veel applaus. Maar dat hoor je niet meer, je richt je vizier op de klok. Ik zie 53.20 staan in de verte en denk dat het wel kan lukken om onder de 54 uit te komen. Maar hoe dichter ik de tijd nader, hoe moeilijker het wordt. Nee, het lukt niet. In de laatste 50 meter weet ik nog net teamgenote Inge de Jong te passeren. Voor me laat Gadisa Abebe (Ethiopië, maar woonachtig in Nederland) het gaan. Met zijn drieën gaan we bijna gelijktijdig over de finish. 54.04 zie ik als ik over de chipmat ga. Een prachtige tijd! Ik heb mezelf toch wel wat verbaasd. Mijn doel was een tijd in de 54 en dat is gelukt. Met een extreem goede dag had ik me voorgehouden de 53 te kunnen bereiken en daar zit ik nu dan wel heel dicht bij. Ik verbeter mijn pr van vorig jaar met 1.50 minuten en geniet er echt van. Dit is een supergevoel, om top te presteren op het onderdeel waar je hart naar uitgaat (de lange afstanden).
De afgelopen weken gaan nog wel even door mijn gedachten als ik terugloop naar het zwembad. Dit jaar heb ik er echt veel voor getraind en elke week veel kilometers gemaakt. Tijdens de voorbereiding ging het niet altijd even goed en was de vorm niet optimaal, maar ik hield me voor dat het pas zou moeten gebeuren tijdens de Dam tot Damloop. Als dan alles maar op zijn plaats viel. En dan flik je het toch, om op het juiste moment te presteren en dat geeft echt wel een lekker gevoel.
Ik heb genoten van de Dam tot Dam 2008. Er hing een geweldige sfeer, die ik veel beter ervoer dan in 2007 (het leek alsof het publiek veel meer applaudisseerde en veel enthousiaster was) en ook het parcours was leuk aangekleed met allerlei borden met wetenswaardigheden over de Dam tot Dam. Dit blijf ik toch wel één van de mooiste wedstrijden vinden, het is een unieke.
Vorig jaar stelde ik om in 2008 onder de 55 te duiken. Dat streven is ruimschoots gelukt. Wat zal ik zeggen voor volgend jaar? Ik houd het op een tijd in de 52 minuten.
Wedstrijdgegevens achteraf:
Ik blijk een extreem vlakke race te hebben gelopen. Km 0 tot 5 ging ik 16.53, de volgende 5 km ging in 16.52 en de afstand van 10 tot 15 km legde ik af in 16.47. Zo vlak heb ik zowat nog nooit gelopen! De laatste 1100m was er wel weer een versnelling, toen ik probeerde in de 53 uit te komen. Deze 1100 ging in 3.34. In totaal was ik 47e. Vorig jaar was ik ook 47e, maar toen noteerde ik 55.56. Dit jaar stond er dus een sterker veld aan de start. In mijn categorie (mannen senioren) was ik 34e en ik eindigde als 14e Nederlander. 7 vrouwen waren sneller dan mij. 4 mannen ingehaald, 8 vrouwen. Gemiddelde snelheid: 17,856 km/uur.
Laatste reacties